Studiefinanciering en Rechtshulp
| Auteur | Onbekend |
| Organisatie | Landelijk Studenten Rechtsbureau (LSR) |
Als je voltijd (of duaal) een opleiding aan een hogeschool of universiteit volgt, heb je in principe recht op studiefinanciering. De studiefinanciering bestaat uit een prestatiebeurs en een OV-kaart (en eventueel een aanvullende beurs). Daarnaast bestaat er de mogelijkheid om naast de prestatiebeurs extra bij te lenen.
De voorwaarden waaraan voldaan moet worden zijn:
-
Een student moet een voltijd of duale opleiding volgen bij een opleiding die op grond van de Wet op het Hoger en Wetenschappelijk onderwijs (WHW)
bekostigd of aangewezen is.
-
Een student moet nog niet de leeftijd van 30 jaar bereikt hebben. Indien een student voor zijn 30e studiefinanciering heeft ontvangen, kan de student tot haar34e doorstuderen met studiefinanciering. De studie mag echter niet onderbroken worden.
-
Een student moet in beginsel deNederlandse nationaliteit hebben. Indien dit niet het geval is, maar de student is wel woonachtig in Nederland dan kan de student in een aantal gevallen wel studiefinanciering ontvangen (bijvoorbeeld studenten met een verblijfsdocument uit een EU-land).
De prestatiebeurs is een voorwaardelijke lening, indien de prestatie van de student voldoende is wordt de reeds ontvangen beurs omgezet in een gift. Gekeken wordt naar de datum waarop een student haar diploma heeft gehaald. Is dit binnen 10 jaar gebeurd na de dag waarop een student voor het eerst studiefinanciering heeft ontvangen, dan wordt de ontvangen beurs van de eerste 4 jaar omgezet in een gift.
Een student heeft in principe recht op 4 jaar studiefinanciering. Na verstrijken van de termijn van 4 jaar, kan een student nog maximaal 3 jaar bijlenen. Indien de duur van een studie langer is dan 4 jaar, dan wordt in de regel de duur van de studiefinanciering ook verlengd. Is de duur van een studie korter, dan krijg je alleen voor de duur van de studie studiefinanciering.
Een student in het hbo krijgt studiefinanciering voor de duur van zijn of haar, in de regel, 4-jarige bacheloropleiding. Indien de student daarna door wilt studeren, ofwel door het volgen van een master aan de hbo-instelling ofwel door middel van doorstroming naar een masteropleiding aan de universiteit, dan zal de student nog 3 jaar kunnen bijlenen bij de IB-groep.
Een student in het wo zal na het volgen van een 3-jarige bacheloropleiding een éénjarige masteropleiding kunnen volgen met behoud van het recht op een jaar studiefinanciering. Voor sommige masteropleidingen (waaronder bijvoorbeeld (dier)geneeskunde) geldt een langere termijn van studiefinanciering. Deze opleidingen moeten een grotere studielast dan 60 studiepunten in de masterfase hebben. Het instellingsbestuur van een opleiding kan bepalen dat dit voor een opleiding geldt. Na afloop van deze termijn kan nog maximaal 3 jaar bij worden geleend. Dit geldt dus ook voor studenten die al langer studiefinanciering hebben ontvangen! Indien de student alleen een 3-jarige wo bacheloropleiding heeft afgerond heeft deze slechts recht op 3 jaar studiefinanciering.
Na het behalen van een bachelordiploma in het wo is het mogelijk om de tot dan toe ontvangen studiefinanciering om te zetten in een gift. De student die hierom verzoekt zal in de regel niet meer verder gaan studeren of verder studeren aan een opleiding waarvoor geen studiefinanciering kan worden verstrekt. Na omzetting is het namelijk niet meer mogelijk om opnieuw studiefinanciering te ontvangen.
Daarnaast is het vanaf 1 september 2007 voor studenten in het hoger onderwijs (hbo en universiteit) mogelijk om naast de ‘gewone’ lening ook een lening aan te vragen bij de IBGroep voor het betalen van het collegegeld. Deze lening wordt ‘collegegeldkrediet’ genoemd en is een onderdeel van de studiefinanciering. Het collegegeldkrediet wordt, net als de rest van je studiefinanciering, per maand uitbetaald. Na je studie betaal je het geleende bedrag terug onder dezelfde gunstige voorwaarden als het terugbetalen van een studieschuld.
De andere wijziging die per 1 september 2007 doorgevoerd wordt, is het ‘meenemen’ van je studiefinanciering naar het buitenland. Voor diverse opleidingen in het hoger onderwijs over de gehele wereld bestaat deze mogelijkheid. Voorwaarde is wel dat de opleiding van voldoende kwaliteit is en het niveau vergelijkbaar is met een Nederlandse opleiding voor hoger onderwijs. Een lijst van deze hoger onderwijsinstellingen is te vinden op de site van de IB-Groep (http://www.ib-groep.nl/).
Studieschuld
Er zijn verschillende manieren om een studieschuld op te bouwen. Er wordt onderscheid gemaakt tussen langlopende en kortlopende studieschulden.
Langlopende schulden zijn schulden die bestaan uit rentedragende leningen en leningen die veroorzaakt worden door het niet halen van de prestatienorm.Als een student afgestudeerd is, of met de opleiding stopt, dan begint op 1 januari volgend op de datum waarop de student met de studie is gestopt de aanlooptijd van twee jaar te lopen. Na die twee jaar begint de aflosfase. De aflosfase duurt maximaal 15 jaar.
Kortlopende schulden bestaan uit bijvoorbeeld teveel ontvangen studiefinanciering of onterecht bezit van de OV-kaart. Deze schulden worden in principe met de studiefinanciering verrekend en als dit niet meer lukt, wordt er een acceptgiro verstuurd.
Rechtshulp op maat voor studenten
De belangrijkste doelstelling van het Landelijk Studenten Rechtsbureau (LSR) is verbeteren van de kwaliteit van de rechtshulp. Hierbij richt het LSR zich voornamelijk op de ondersteuning van de bij hun aangesloten rechtsbureaus. Deze rechtsbureaus beantwoorden vragen op het gebied van huurrecht, studiefinancieringsrecht, onderwijsrecht en arbeidsrecht. Het LSR dient hierbij als vraagbaak voor de rechtsbureaus.
Het LSR biedt de lokale rechtsbureaus scholing aan, om de kennis te vergroten. Verder vindt er een enorme informatiewisseling plaats tussen het LSR en de lokale rechtsbureaus, maar ook tussen de rechtsbureaus onderling. Daarnaast wil het LSR zorgen voor een vergroting van het landelijk netwerk en waarborgt het LSR standaardisering van processen binnen de rechtsbureaus. In navolging van het standaardiseringproces heeft het LSR een database laten maken, waarin alle behandelde klachten van het LSR en lokale rechtsbureaus worden opgenomen. De voordelen hiervan zijn dat het LSR meer op de actuele problemen kan inspringen en het LSR zich meer kan richten op de laatste fasen van de rechtshulp op maat, beroep en eerste aanleg.
Het LSR kan ten slotte een rol spelen als een student wil procederen, maar het LSR kan ook als gevolmachtigde namens de student optreden. Verder helpt het LSR studenten met het schrijven van bezwaarschriften, ingebrekestellingen en dagvaardingen. Rechtshulp op maat wordt aangeboden aan de student in de fasen van klacht tot eerste aanleg.
Heeft u vragen?
Op de site van LSR (http://www.lsr.nl/) kunt u alle contactinformatie van de rechtsbureaus vinden. Studenten kunnen bij de rechtsbureaus terecht met al hun juridische vragen die betrekking hebben op bovengenoemde rechtsgebieden. Voor andere vragen kunt u ons altijd bereiken op info@lsr.nl.




