Universiteit van Amsterdam
Theorie der Muziek (Kunstwetenschappen)
In de muziektheorie staan de structuur en de betekenis van muziek centraal. Muziektheoretici houden zich bezig met methoden om die aspecten inzichtelijk te maken, bijvoorbeeld met het doel een bijdrage te leveren aan de opleiding van musici of musicologen. Het gaat er in dat geval om, de muzikale klankvoorstelling en leesvaardigheid van de studenten te ontwikkelen, hen kennis te laten te maken met compositieprincipes en ?routines uit heden en verleden, en langs die wegen ook hun gehoor te scherpen. Zo kennen we in Nederland de muziektheoreticus: als vakman of vakvrouw, als de docent die aan het conservatorium of de universiteit studenten invoert in het muzikale m?tier. De Nederlandse opleiding tot muziektheoreticus is dan ook van oudsher een beroepsopleiding, d.w.z. een lerarenopleiding, die wordt verzorgd door het conservatorium. Muziektheorie is echter ook een vakgebied waarin onderzoek wordt gedaan, onderzoek dat zich richt op de pedagogische praktijk (de ontwikkeling en bestudering van leermethoden op het gebied van analyse, gehoortraining, schrijfkunst en improvisatie), op de artistieke praktijk (de ontwikkeling van compositietechnieken, de interpretatie van muziekwerken), en op de geschiedschrijving (het verwerven van inzicht in muziekpedagogische en artistieke praktijken uit het verleden). Als onderzoeksdiscipline bevindt de muziektheorie zich op het zich op het breukvlak van muziek- en wetenschapsbeoefening. En tenslotte is muziektheorie zelf ook praktijk. Het woord ?muziektheorie? verwijst ook naar een manier van denken over muziek. Dit denken schept een kader waarin muziek betekenis krijgt. In die zin is denken ook doen. Het staat staat nooit los van het muziekleven en de muziekgeschiedenis, maar maakt daar zelf deel van uit. De muziektheoreticus die zijn vakkennis overdraagt, is tegelijkertijd ook een duider van muziek, die opereert in een veld met musici, componisten, journalisten, filosofen, wetenschappers, en, niet te vergeten, gewone luisteraars. In dat veld moet hij of zij zich positioneren. Vakkennis moet gepaard gaan met nieuwsgierigheid, eruditie, originaliteit, kritische distantie en retorisch vernuft. Het doet recht aan de veelzijdigheid van de muziektheorie dat met ingang van 2003 een studietraject bestaat, dat de ontwikkeling van zowel de praktische muziektheorie als de reflectieve muziektheorie tot doel heeft. En het is niet verwonderlijk dat dit traject door twee verschillende instituten loopt: het Conservatorium van Amsterdam en de Universiteit van Amsterdam. De onderzoeksmaster Theorie der Muziek wordt door de universiteit en het conservatorium gezamenlijk aangeboden. Het programma sluit zowel aan op de bachelor Theorie der Muziek van het conservatorium als op de bachelor Muziekwetenschap van de universiteit, mits aan bepaalde voorwaarden is voldaan (zie Voortrajecten en Aanmelding). De onderzoeksmaster Theorie der Muziek moet zowel aan de muziektheorie als aan de muziekwetenschap in Nederland impuls geven. Voor de muziektheoreticus is het niet alleen van belang het vak te beheersen, maar ook om het te kennen als een product van een lange en complexe geschiedenis ? niet alleen van de muziekgeschiedenis, maar bijvoorbeeld ook van de wetenschapsgeschiedenis en de sociale geschiedenis. Voor de musicoloog is het van belang te beseffen, dat muziek aanleiding heeft gegeven tot theoretische en analytische beschouwingen, die op hun beurt weer als interpretatiekader hebben gefungeerd voor andere muziek. Ook wanneer men muziek niet duidt als een op zich zelf staande ?tekst? maar als culturele praktijk, kan men om de theorie, als bestanddeel van die praktijk, niet heen. Een theoretisch vocabulaire fungeert als venster op muziek, maar het heeft een eigen geschiedenis en een eigen pragmatiek die van dat venster tegelijkertijd een spiegel maken. Een diepgaand begrip van muziek omvat dus ook zelfbegrip. En daaraan kan deze onderzoeksmaster bijdragen.
Theorie der Muziek is een afstudeerrichting binnen de Onderzoeksmaster Kunstwetenschappen, naast o.m. Kunstgeschiedenis, Muziekwetenschap en Theaterwetenschap. Het programma voorziet in de opleiding van studenten die als bachelor al van een grote vakkennis op het gebied van muziektheorie en -analyse blijk hebben gegeven, alsmede van een bijzonder talent om die vakkennis op anderen over te dragen, en die zich als wetenschappelijk onderzoeker willen kwalificeren. Deze studenten leren het onderzoeksgebied zowel systematisch als historisch te verkennen en het zelfstandig in kaart te brengen. Ze worden vertrouwd gemaakt met de belangrijkste onderzoeksparadigma?s, en leren zich op gepaste wijze, zowel schriftelijk als verbaal, te presenteren voor een wetenschappelijk forum. Ten slotte worden zij aangemoedigd om over de grenzen van de eigen discipline te kijken, en de uitgangspunten en methoden ervan in een kritisch licht te stellen.Het programma van de onderzoeksmaster bestrijkt twee jaren, en is opgebouwd uit drie specialisatiemodules uit de aansluitmaster Muziekwetenschap, drie kernmodules en drie tutorials. Een scriptie waarin de student verslag doet van een zelfstandig verricht onderzoek rondt het programma af. De drie aansluitmodules zijn: Muziekfilosofie/Esthetica, Musicologie van de westerse muziek VI en Muziekanalysetechnieken. Afhankelijk van het voortraject kan in plaats van het laatstgenoemde vak ook Systematische en culturele muziekwetenschap gekozen worden. De drie kernmodules gaan over onderzoek en theorievorming in de kunsten. Twee van deze modules ? Canon van kunst en wetenschap en Gemeenschap der kunsten ? worden ook door studenten van andere afstudeerrichtingen gevolgd. Ze stellen studenten in staat bruggen te slaan naar andere disciplines, en hun eigen vakgebied in breder (wetenschappelijk, historisch, filosofisch) perspectief te plaatsen. De derde kermodule ? Historiografie van de muziektheorie ? behandelt de geschiedenis van de muziektheorie vanuit de positie van degene die daarover wil schrijven. De tutorials Capita selecta van de gevorderde analyse, Muziektheorie en Onderzoek I, en Muziektheorie en Onderzoek II, vormen de overgang tussen de studie en het toekomstig werkveld. Zij worden in de studiegids van de Faculteit der Geesteswetenschappen betiteld als ?ateliers, waar student en docent gezamenlijk in een meester-gezelrelatie een onderwerp ter hand nemen dat, voortvloeiend uit de onderzoeksinteresses van de docent, een leerrijke ervaring biedt voor de student.? In de tutorials Muziektheorie en onderzoek I en II brengt de student een deelgebied van de muziektheorie in kaart aan de hand van de belangrijkste publicaties, en schrijft dan een gedegen bespreking van een recent boek op dat gebied. Bij een goed resultaat wordt deze bespreking door de docent voorgedragen voor publicatie in het Tijdschrift voor Muziektheorie. Een vast onderdeel van deze tutorials is de deelname aan de jaarlijkse International Orpheus Academy for Music Theory te Gent. De scriptie is de feitelijke meersterproef: een werkstuk van minimaal het formaat van een substantieel artikel voor een wetenschappelijk tijdschrift. Het werk aan de scriptie neemt een half jaar in beslag, en wordt begeleid door twee stafleden van de leerstoelgroep Muziekwetenschap, of door een staflid en een docent van het Conservatorium van Amsterdam.Voor de Onderzoeksmaster Theorie der Muziek kunnen zowel studenten aan de universiteit als conservatoriumstudenten zich kwalificeren. De Universiteit van Amsterdam en het Conservatorium van Amsterdam bieden twee mogelijke voortrajecten: (1) Een bachelor Muziekwetenschap aan de universiteit. Tijdens de studie moeten 60 studiepunten zijn behaald met modules uit het hoofdvakprogramma Theorie der Muziek van het Conservatorium van Amsterdam. Deze modules vullen de volledige minor- en vrije keuzeruimte in het studieprogramma. Het gaat om: Contrapunt, Harmonieleer (praktisch en theoretisch), Analyse, en Jazztheorie. Daarnaast krijgen de studenten uitgebreide solf?ge- en gehoortraining. NB. Om de modules van het conservatorium te kunnen volgen, moet de student een toelatingsexamen doen bij de Hoofdvakafdeling Theorie der Muziek. Van de masterco?rdinator en van de docenten van deze afdeling kan de student advies krijgen over de voorbereiding op het toelatingsexamen. Tevens kan bij hen informatie worden ingewonnen over de inhoud van de modules. (2) Een bachelor Theorie der Muziek aan het conservatorium. Tijdens de studie moeten 60 studiepunten zijn behaald met modules uit het programma van de bachelor Muziekwetenschap van de Universiteit van Amsterdam. Het gaat hierbij om de modules: Musicologie van de Westerse Muziek I-V, Academische Vaardigheden en Wetenschapsfilosofie. Een student met een vooropleiding die gelijkwaardig is aan een van deze twee trajecten kan zich eveneens voor Onderzoeksmaster Theorie der Muziek aanmelden. In alle gevallen geldt een selectieprocedure. Hierbij kijkt de selectiecommissie naar de invulling van de bachelor, de studieresultaten, de bachelorscriptie en de motivatie van de student.Met alle theoretische en praktische kennis die je tijdens de onderzoeksmaster opdoet, ben je uitstekend gekwalificeerd om verder te gaan in de wetenschap. Je kunt je gaan bezighouden met wetenschappelijk onderzoek of les gaan geven als muziektheoreticus op een universiteit of conservatorium. Maar je hebt ook goede perspectieven op de arbeidsmarkt. Afgestudeerde muziektheoretici komen bijvoorbeeld terecht in een baan als adviseur of beheerder bij orkest- en opera-instellingen, impresariaten, concertzalen en culturele diensten.

