Universiteit van Amsterdam
Geschiedenis
In de bachelor Geschiedenis heb je je een breed beeld gevormd van de geschiedenis in al zijn facetten. Je hebt een overzicht gekregen van de oude tot met de nieuwste geschiedenis van Europa en de wereld, en een inleiding in de geschiedenis en cultuur van Amerika. Daarnaast heb je in de keuzeonderdelen de studie kunnen verbreden en/of een specialisatie kunnen voorbereiden. De master Geschiedenis biedt de mogelijkheid voor verdere specialisatie en uitbreiding van de historische kennis op hoger niveau. In de master krijgt historisch onderzoek en hoe dit tot stand komt, een prominente plaats.
De master Geschiedenis kent de volgende trajecten:
- Oude Geschiedenis
- Middeleeuwse Geschiedenis
- Nieuwe Geschiedenis
- Nieuwste Geschiedenis
- American Studies
- Cultuurgeschiedenis
- Duitslandstudies
- Geschiedenis van de Internationale Betrekkingen
- Gouden Eeuw
- Holocaust- en genocidestudies
- Militaire geschiedenis/Krijgswetenschappen
- Nederlandse Geschiedenis
- Sociale Geschiedenis
De student kan echter ook een 'eigen' traject samenstellen uit het jaarlijkse aanbod van modules. Dit dient in overleg met de masterco?rdinator te worden vastgelegd bij de inschrijving voor de master, v??r aanvang dus van de masterstudie.
1. Het mastertraject Oude geschiedenis
De oude geschiedenis strekt zich uit over een periode die loopt van 3000 v. Chr. tot 500 n. Chr. De leerstoelgroep Oude Geschiedenis heeft zich echter vooral gespecialiseerd op de Romeinse geschiedenis. Er zullen colleges worden aangeboden die diep ingaan op de politieke, sociale en economische aspecten (met soms excursen naar de Griekse geschiedenis), zodat studenten weloverwogen de onderwerpskeuze voor hun masterscriptie kunnen maken.
Thema's die nadrukkelijk de aandacht zullen krijgen en waarbinnen uit een ruim scala van onderwerpen kan worden gekozen zijn: de Romeinse expansie in Itali? (een combinatie van archeologisch en historisch onderzoek), betekenis van handel en nijverheid voor de Romeinse economie (combinatie van archeologisch en historisch onderzoek), de crisis in de derde eeuw, imperialisme en sociale politiek in de late republiek, massasporten in Rome, de relatie tussen Rome en de provincies en acculturatieprocessen. In goed overleg kunnen ook andere dan de genoemde onderwerpen worden bestudeerd.
2. Het mastertraject Middeleeuwse geschiedenis
Het traject Middeleeuwse geschiedenis biedt gelegenheid tot specialisatie in zowel de algemene als de (proto-)Nederlandse geschiedenis van de periode van ca. 400 tot ca. 1500. In het onderwijs ligt het accent chronologisch op de eeuwen tussen 1000 en 1400 en thematisch op de onderwerpvelden
- vorming, identiteit en mentaliteit van sociale groepen in Latijns-christelijk Europa;
- staatsvorming in de latere Middeleeuwen, met de nadruk op het graafschap Holland en de hertogdommen Brabant en Gelre.
De aanwezigheid binnen het docentencorps van expertise op de terreinen van middeleeuws Latijn, oorkondeleer, paleografie en historiografie garanderen ruime aandacht voor een gedegen instructie in de ambachtelijke kanten van het vak.
3. Het mastertraject Nieuwe geschiedenis
Tussen de Renaissance en de Franse Revolutie kreeg een groot deel van de moderne wereld gestalte. De ontdekkingsreizen, de reformatie, de wetenschappelijke revolutie, de vorming van het Europese statenstelsel, de Verlichting en de grote revoluties van de late achttiende eeuw brachten ingrijpende veranderingen teweeg. Het is dan ook niet voor niets dat veel baanbrekend historisch onderzoek juist op deze dynamische periode betrekking heeft.
De leerstoelgroep Nieuwe geschiedenis houdt zich met vrijwel alle aspecten van de vroegmoderne tijd bezig. Zij laat zich daarbij mede inspireren door recente onderzoekstrends en maakt in onderwijs en onderzoek veelvuldig gebruik van de vele archieven, onderzoeksbibliotheken en musea die Amsterdam rijk is. Zwaartepunten in het onderzoeks- en onderwijsprogramma van de leerstoelgroep vormen een interdisciplinaire benadering van de Gouden Eeuw (inclusief de Nederlandse Opstand), de politieke cultuur van republieken en monarchie?n en de interactie tussen Europa en de Nieuwe Wereld en Azi?.
4. Het mastertraject Nieuwste geschiedenis
Dit traject richt zich op de geschiedenis van de moderne tijd in de ruimste zin, van de tweede helft van de achttiende eeuw tot heden. Het onderwijs is thematisch ingericht waarbij de grote thema's van de moderne Europese en mondiale geschiedenis aan de orde komen zoals Verlichting en Revolutie, de revolutiejaren en -golven in de negentiende en twintigste eeuw, processen van staatsvorming en ontstatelijking, de politieke en maatschappelijke doorwerking van de grote ideologie?n (en het einde daarvan), de twintigste-eeuwse Europese catastrofe, de Koude Oorlog en de wereld sinds 1989.
Er is veel aandacht voor nieuwe trends in het internationale historisch-wetenschappelijk onderzoek. Er zijn raakvlakken en combinaties met andere trajecten die vanuit een thematische invalshoek de nieuwste geschiedenis benaderen, zoals bijvoorbeeld cultuurgeschiedenis, geschiedenis van de internationale betrekkingen, Duitslandstudies, Nederlandse geschiedenis, Sociale geschiedenis, Holocaust- en genocidestudies.
5. Het mastertraject American studies
American Studies at the Universiteit van Amsterdam has developed a tradition which has long set it apart from approaches elsewhere. Unlike other programmes in Europe, it has not grown out of the study of American language and literature, but has always been interdisciplinary, combining history, social sciences and literary studies in its approach. Unlike American studies programmes at American universities (where America tends to be studied from the inside), Amsterdam has always looked at the United States from an international and comparative perspective. A recent outgrowth of this perspective is the importance of the subject of globalisation. For the Amsterdam programme this perspective has the following three consequences. Firstly, students will look at the United States as an international presence, in the way it affects other countries and cultures politically, economically, militarily, and culturally.
Secondly, they will study the ways in which intellectuals in a number of European countries have analysed America as a counterpoint to Europe, trying to grasp its critical differences from European traditions. In a sense this exploration is as much European intellectual history as it is American studies.
Thirdly, America as a cultural presence in European mass media, such as film, radio, television, photographs and advertising, will be explored. The central themes for study and discussion are the nature of American culture, the Americanisation of Europe, the European debate about American mass culture, and the relation between Americanisation and globalisation.
Central themes in the programme will be the Americanisation of Europe, the European debate about American mass culture, and the allegations concerning American cultural imperialism.
6. Het mastertraject Cultuurgeschiedenis
De opleiding Geschiedenis in Amsterdam heeft altijd veel aandacht besteed aan de cultuurgeschiedenis in de breedste zin van het woord. Het onderwijs biedt een heel scala aan onderwerpen op het gebied van de geschiedenis van idee?n en begrippen, van de politieke cultuur, van kunst en mentaliteit. Studenten die specifiek ge?nteresseerd zijn in deze specialisatie, maar die zich niet bij voorbaat willen beperken tot een tijdvak of gebied kunnen kiezen uit een aantal cultuurhistorische modules die in de andere trajecten worden aangeboden. Voorbeelden van onderwerpen die regelmatig terugkeren in de masterseminars zijn: ontstaan en verbreiding van de grote ideologie?n (liberalisme, conservatisme, nationalisme) in de negentiende en twintigste eeuw, politiek-culturele discoursen over staat en samenleving; "geschiedenis, herinnering, identiteit", gender, toverij, burgers en burgerschap, het dagelijks leven, medische geschiedenis, geschiedenis van de psychiatrie en de geestelijke gezondheidszorg.
7. Het mastertraject Duitslandstudies
In het traject Duitslandstudies ligt de nadruk op de geschiedenis van Duitsland in de negentiende en twintigste eeuw, waarbij de ontwikkeling van de Duitse samenleving steeds zal worden bestudeerd binnen de Europese en mondiale context. De opleiding zal zoveel mogelijk interdisciplinair worden ingevuld: de Duitse samenleving en cultuur worden behandeld vanuit verschillende disciplines: geschiedenis, politicologie, recht, sociologie, economie en geografie. Duitslandstudies is ontwikkeld in samenwerking met het in Amsterdam gevestigde Duitsland Instituut, een wetenschappelijke instelling met een groot internationaal netwerk die als doel heeft de kennis over en de interesse voor het naoorlogse Duitsland te bevorderen.
De docenten die aan dit traject verbonden zijn hebben zich gespecialiseerd in onder meer de volgende thema's: cultuur- en idee?ngeschiedenis van de negentiende eeuw en van de Weimar-republiek, de Nederlands-Duitse betrekkingen v??r de Tweede Wereldoorlog, het Derde Rijk, Duitse historiografie, Duitsland en het Europese integratieproces, de buitenlandse politiek van de Bondsrepubliek, de geschiedenis van de DDR, de integratie van Oost- en West-Duitsland.
8. Het mastertraject Geschiedenis van de Internationale Betrekkingen
Francis Fukuyama, de beroemde auteur van The End of History and the Last Man (1992), komt in zijn nieuwe boek State Building (2004) tot de conclusie dat een universeel geldig staatsmodel niet bestaat en dus ook niet van buitenaf kan worden opgelegd. Volgens de politicoloog Fukuyama kunnen politieke instituties alleen functioneren als ze aansluiten bij traditioneel-culturele waarden van een natie. Het is met andere woorden de specifiek-historische context die beslissend is voor de kansen van staatsvorming. Fukuyama, de man die het einde van de geschiedenis afkondigde, heeft ruim tien jaar later in dit nieuwe boek het belang van de geschiedenis herontdekt. Zijn conclusie is van belang voor zowel de praktische politiek (zie de kwestie-Irak) als de wetenschappelijke benadering van de internationale betrekkingen.
Wat Fukuyama over staatsvorming schrijft, geldt ook voor andere onderdelen van de internationale betrekkingen, zoals de buitenlandse politiek van staten, het ontstaan van oorlogen, etc: de unieke historische context is van beslissende betekenis. Dit is dan ook het uitgangspunt van de mastertraject Geschiedenis van de internationale betrekkingen. Daarmee onderscheidt het programma van deze master zich duidelijk van de leer der internationale betrekkingen die afkomstig is uit de sociale wetenschappen. Deze leer gaat uit van theorievorming (bv. de ?realistische? theorie: staten komen met elkaar in conflict doordat ze onvermijdelijk hun nationale belangen najagen) en gebruikt historische gebeurtenissen om een theorie te ondersteunen dan wel te weerleggen. In de geschiedenis van de internationale betrekkingen is er zeker ook aandacht voor algemene modellen en theorie?n, maar uitsluitend als hulpmiddel om historische gebeurtenissen eventueel in hun unieke karakter te kunnen verklaren. De analyse van de specifiek-historische situatie is het uitgangspunt.
In het masterprogramma wordt een aantal modules aangeboden die het accent leggen op de historische benadering, zonder de theoretische aspecten te verwaarlozen.
9. Het mastertraject Gouden Eeuw
De zeventiende eeuw staat in de Nederlandse geschiedenis bekend als de Gouden Eeuw. Het was een uitzonderlijk tijdvak waarin een nog jonge en kleine Republiek een centrale rol in de internationale politiek beleefde, een koloniaal rijk en wereldwijd handelsimperium opbouwde en een culturele bloeiperiode beleefde. Er is geen ander tijdperk in de Nederlandse geschiedenis waarin zo veel uitzonderlijk begaafde personen actief waren. De zeventiende eeuw was niet alleen de eeuw van Frans Hals, Rembrandt van Rijn en Joost van den Vondel, maar ook van Bartholomeus van der Helst, Jan Vos, Baruch Spinoza, Simon Stevin, Jan Swammerdam, Maurits, Johan van Oldenbarnevelt, Johan de Witt en vele andere beroemde en minder beroemde erflaters.
Het mastertraject Gouden Eeuw kent een interdisciplinaire opzet, waarin de politieke, economische en sociale geschiedenis, kunstgeschiedenis en literatuur van de Nederlandse zeventiende eeuw in samenhang worden bestudeerd. Het onderwijsprogramma wordt verzorgd door specialisten uit de opleidingen Geschiedenis, Kunstgeschiedenis en Nederlandse taal en letterkunde en er wordt veelvuldig samengewerkt met de rijke archieven, onderzoeksbibliotheken en musea die de stad Amsterdam juist op dit terrein rijk is. De master biedt aldus niet alleen een verrassende blik op kernproblemen uit de geschiedenis en cultuur van de Nederlandse Gouden Eeuw, maar leert je ook om onderwerpen op een interdisciplinaire en nieuwe manier te bestuderen.
10. Het mastertraject Holocaust- en genocidestudies
Het mastertraject Holocaust- en genocidestudies is een interdisciplinaire studie met als onderwerp de massamoorden en de systematische vernietiging van minderheden in de twintigste eeuw. Daarbij komen zowel de ideologie van de genocide als de context van oorlog of staat van beleg aan de orde. Enerzijds is het vakgebied inhoudelijk toegespitst, anderzijds omvat deze masterstudie in bredere zin het onderzoek van de manieren waarop latere generaties verschillende genocides hebben ge?nterpreteerd.
Het gaat om reflecties op voor de twintigste eeuw typische fenomenen als oorlog, de mobilisatie van de massa's, de bureaucratie en de maatschappelijke functie van de media.
Het onderwijs in dit mastertraject is multidisciplinair en vergelijkend van karakter. De maatschappelijke betekenis van onderwijs en onderzoek blijkt uit het zowel in het Engels als in het Nederlands rapporteren. Het onderwijs wordt verzorgd vanuit het Centrum voor Holocaust- en Genocidestudies van de Universiteit van Amsterdam en de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen, dat gehuisvest is in het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie.
11. Het mastertraject Militaire geschiedenis/
Het onderwijs in het traject Militaire geschiedenis/Krijgswetenschappen is thematisch opgezet en wetenschappelijk-onderzoeksgericht. Het verdiept het inzicht in de verschillende verschijningsvormen die de oorlog en andere vormen van georganiseerd geweld te land, ter zee en, wat de twintigste eeuw aangaat, in de lucht hebben aangenomen in de westerse wereld en de overzeese gebiedsdelen. Het benadert deze vormen als kenmerken van de politiek-maatschappelijke cultuur en structuur van de desbetreffende periode. Het analyseert daartoe verschillende aspecten, uiteenlopend van de politieke sturing van oorlog en krijgsmacht, het maatschappelijk draagvlak ervan, de maatschappelijke attitudes ten opzichte van oorlog en militair geweld, de financiering, vorming, organisatie en uitrusting van krijgsmachten, de operationele inzet van de krijgsmacht, de doorwerking van politieke en militaire tradities, tot vormen van militair leiderschap of tegenkrachten als pacifisme en anti-militarisme. Het ziet oorlog en ander georganiseerd geweld verder als instrument en factor in het internationale politieke systeem van een bepaalde periode en bestudeert de beheersing ervan door middel van het internationaal publieksrecht.
Sleutelbegrippen zijn de theorievorming over oorlog en de conceptuele benadering van oorlog in wisselwerking met de militaire conflicten van de desbetreffende tijd. De analyse beweegt zich, wat de militaire wereld aangaat, voornamelijk op politiek- en militair-strategisch niveau en het operationele niveau. In de samenleving vormen politieke stromingen, maatschappelijke pressiegroepen, mentaliteit en attitudes objecten van onderzoek.
12. Het mastertraject Nederlandse geschiedenis
In het traject Nederlandse geschiedenis wordt vanuit het perspectief van de politieke geschiedenis, de cultuur- en sociale geschiedenis gekeken naar de Nederlandse geschiedenis vanaf de vroegmoderne tijd. Het zwaartepunt ligt bij de geschiedenis van de negentiende en twintigste eeuw, die wel steeds bezien wordt in het licht van de ontwikkeling van de Nederlanden voor 1800. Belangrijke aandachtspunten zijn: de ontwikkeling van de politieke cultuur en het burgerschap, de totstandkoming en verschuiving van sociaal-culturele en politieke scheidslijnen in de Nederlandse samenleving, de ontwikkeling van politieke bewegingen en partijen, en de transformatie van de Nederlandse staat. Daarnaast wordt gekeken naar de ontwikkeling van de Nederlandse samenleving in Europese en mondiale context. Bij het onderwijs in dit traject wordt steeds veel aandacht besteed aan het onderzoek in de bronnen die in de diverse instellingen in Amsterdam en elders direct toegankelijk zijn. Ook biedt dit traject ruime mogelijkheden voor het volgen van een stage bij een van deze instellingen.
13. Het mastertraject Sociale geschiedenis
Sociale geschiedenis onderscheidt zich van andere historische benaderingen door haar gerichtheid op algemene maatschappij-historische thema's, zonder een voorkeur voor plaats of tijd. Door deze probleemgeori?nteerde invalshoek wordt de vergelijkende methode, zowel door de tijd als tussen landen en werelddelen, veelvuldig toegepast. Inzichten en theorie?n uit de sociale wetenschappen zijn daarbij een belangrijke bron van inspiratie.
Het onderwijs zelf is thematisch georganiseerd. De belangstelling gaat vooral uit naar de manier waarop mensen met elkaar omgingen en zo vorm hebben gegeven aan hun leven. In de colleges komen regelmatig onderwerpen uit de Nederlandse, vroeg-moderne en moderne geschiedenis aan de orde, echter altijd in vergelijkend perspectief.
In deze master Sociale Geschiedenis werken de medewerkers van de leerstoelgroep op verschillende niveaus samen met onderzoekers van het Internationale Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG). Het IISG is een belangrijk onderzoeks- en documentatiecentrum, met onder meer de volgende zwaartepunten: vrouwenarbeid en gender in het vroegmoderne Nederland; de Noordzee als economische, sociale en culturele ruimte; demografie, levensloop en overlevingsstrategie?n; de geschiedenis van prijzen en lonen en vergelijkende global history met een sterke nadruk op Azi?. Waar mogelijk zullen medewerkers van het IISG medewerking verlenen aan het onderwijs van ESG. Bovendien kan gebruik worden gemaakt van de uitgebreide collecties en archieven van het IISG en de aldaar opgebouwde databases.
De docenten van Sociale Geschiedenis aan de UVA hebben zich zelf gespecialiseerd in een reeks thema?s als: migratie en integratie; kooplieden, handel en scheepvaart; burgerlijke cultuur; oorlog, staatsvorming en revoluties; sociaal-ruimtelijke structuur van steden; armoede en armoede-bestrijding; en leescultuur.
De master Geschiedenis is toegankelijk voor studenten met een bachelordiploma Geschiedenis. Met een bachelordiploma Algemene cultuurwetenschappen, Archeologie en prehistorie, Duitse taal en cultuur, Europese studies, Griekse en Latijnse taal en cultuur, Kunstgeschiedenis, Literatuurwetenschap, Nederlandse taal en cultuur en Politicologie heb je toegang tot bepaalde trajecten, in enkele gevallen met extra instroomeisen. Meer informatie hierover vind je in de tabel instroomeisen. Wie over een ander bachelordiploma beschikt, kan een verzoek om toelating tot de master Geschiedenis aan de examencommissie voorleggen. Die bepaalt dan aan de hand van de invulling van je bachelor, je studieresultaten en je motivatie of je wordt toegelaten tot de master. Hbo-schakelprogramma Voor hbo-bachelors die deze master willen volgen, is een schakelprogramma van een jaar ontwikkeld waarna je voldoet aan de instroomeisen van de master. Zie de verwijzing hieronder.Na afronding van de master Geschiedenis beschik je over diepgaande kennis over een deelgebied van de geschiedenis. Dankzij deze specialisatie heb je betere perspectieven op de arbeidsmarkt dan met alleen een bachelordiploma. De master geeft het recht op het voorbereiden van een promotie. Afgestudeerden geschiedenis komen terecht in de journalistiek, het museumwezen, de politiek, bij uitgeverijen, in bibliotheken en archieven. Ook bij de overheid en in het bedrijfsleven zijn steeds meer historici werkzaam. Lerarenopleiding Wil je leraar worden? Dan volg je na de master de eenjarige lerarenopleiding (tweejarig in deeltijd) bij het Instituut voor de Lerarenopleiding (ILO). In de keuzeruimte van je bachelor moet je dan wel de module Ori?ntatie op het leraarschap hebben gevolgd. Het ILO verzorgt eerstegraads lerarenopleidingen in 23 middelbare-schoolvakken.
